Het jaar in lockdown X: Ochtendflarden

Het jaar in lockdown X: Ochtendflarden

[Op mijn ochtendwandeling door het Vondelpark word ik ingehaald door twee joggende studenten]

Student 1: ‘Ik ben dus gisteravond voor het eerst niet dronken geworden.’
Student 2: ‘Hè, WTF?!’
Student 1: ‘Weird, man, weird!’

[De studenten slaan rechtsaf. Ik loop het park uit en steek de straat over. Twee bouwvakkers beklimmen de steiger voor een huis]
Bouwvakker 1: ‘Kicken, man! Niks voor jou?’
Bouwvakker 2: ‘Nou… Ik heb nu nog wel genoeg aan mijn vriendin. Ik heb nog niet het gevoel dat ik tekort kom.’
Bouwvakker 1: ‘Ik hoor je over een paar weken wel als er nog steeds een lockdown is.’

[Ik loop door en ga een supermarkt binnen. Een vrouw zonder mondkapje staat bij de kassa af te rekenen]
Vrouw [tegen de vrouwelijke kassamedewerker, een middelbare scholier met mondkapje]: ‘Zo’n mondkapje helpt niks, hoor.’
[Kassamedewerker reageert niet en scant producten]
Vrouw: ‘Het is schijnveiligheid. Zelfs gevaarlijk.’
[Kassamedewerker glimlacht ongemakkelijk en scant verder]
Vrouw: ‘Moet jij het dragen van je baas?’
Kassamedewerker: ‘Nee. Ik wil het zelf.’
Vrouw: ‘Ik geloof je niet. Je baas is in overtreding als hij jou dwingt. Ik kan hem aangeven.’
Kassamedewerker: ‘Ik word niet gedwongen. En het is een “zij”.’
Vrouw: ‘Dat zeg je maar! Kinderen horen geen mondkapjes te dragen.’
Kassamedewerker: ‘Spaart u zegels?’
Vrouw: ‘Waarom draag je het sowieso?’
Kassamedewerker: ‘Om oude mensen zoals u te beschermen. Pinnen?’

[Ik loop de supermarkt uit, richting de slagerij. Een vrouw met hoofddoek stopt voor de winkeldeur met haar dochter van een jaar of acht en een kinderwagen met baby. Dochter loopt de slagerij in. Ik ook]

Slager: ‘Hallo lieverd, alles goed?’
[Meisje knikt verlegen naar de vrouw]
Slager: ‘Zeg het maar. Wat kan ik voor je doen?’
Meisje: ‘Een kilo rundergehakt, alstublieft.’
Slager: ‘Komt eraan, schat.’
[Slager weegt het gehakt af, pakt het in en legt het op de toog]
Slager: ‘Hier, meis. Wil jij een lekker plakje kipfilet?’
Meisje [knikt enthousiast]: ‘Alstublieft.’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 10 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown IX: Gezellig!

Het jaar in lockdown IX: Gezellig!

Buurvrouw 1: ‘Hè, gezellig. Alweer veel te lang geleden. Toch?’
Buurvrouw 2: ‘Ja, en dat allemaal door zo’n stom griep-’
1 [ kordaat]: ‘Ho.’
2: ‘Huh?’
1: ‘Sorry, maar vind je het goed als we het gewoon gezellig houden?’
2: ‘No problem. Genoeg andere onderwerpen.’
1: ‘Niet dan? We hebben elkaar zo lang niet gezien. Zwaaien vanaf het balkon niet meegerekend.’
2: ‘Ja joh, toen moest dat hele verkiezingscircus met Trump nog-’
1: ‘Eeehh…’
[verontschuldigende blik]
2: ‘Geen Trump?’
1: ‘Liever niet.’
2: ‘Geen Trump. Geen probleem.’
[stilte]
2: ‘Wat doen jullie met Sinterklaas?’
1 [opgelucht]: ‘Wij hebben lootjes getrokken. Jullie?’
2: ‘Wij ook. We maken er een extra groot feest van nu ze ook al niet op school komen. Zo jammer voor die kids.’
1: ‘Ze?’
2: ‘Ja, Sinterklaas en z’n pie-’
[1 schudt haar hoofd]
2: ‘Niet?
1: ‘Ik wil niet ongezellig doen, maar voor je het weet zwááien we niet eens meer naar elkaar.’
2: ‘Helemaal gelijk. Een goede buur is goud waard.’
1: ‘Toch?’
[stilte]
2: ‘Wat een weertje, hè?’
1 [opgelucht]: ‘Niet normaal gewoon, zo lekker.’
2: ‘Maar echt. Eind november! En dan zijn er nog altijd mensen die ontkennen dat het klimaat-’
[2 kijkt schichtig naar haar buurvrouw die haar hoofd langzaam schudt]
2 [iets te vrolijk]: ‘Heerlijk. Prachtig wandelweer.’
1: ‘Ja, gezellig, een herfstwandeling! Jij nog koffie?’
2 [aarzelend]: ‘Ik heb eigenlijk liever thee. [geschrokken] Maar koffie is ook prima, hoor. Gezellig!’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 9 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown VIII: Dag buurvrouw (nu echt)

Het jaar in lockdown VIII: Dag buurvrouw (nu echt)

Daar staan we dan. Ik en mijn buren. In onze straat. Háár straat. De straat waarin ze meer dan de helft van haar leven woonde. De straat die ze zag veranderen.
Expats kwamen en gingen, woonpanden werden hotels, Airbnb’ers beklommen met hun rolkoffers haar trappenhuis. En buren verkasten na het krijgen van kinderen naar Haarlem, Almere, Alphen aan den Rijn.
Zíj was een blijvertje. Ook toen ze steeds meer trekjes van een ‘aangereden slak’ kreeg (haar woorden). Toen de buitentrap naar haar woning, een-hoog, ook met stok een bijna onneembare horde werd.
Zij bleef. Samen met een handjevol andere die hards vormde ze de kern van onze straat. En straatfeesten.
Elke week kwam je haar wel tegen. Een zwaai, een praatje, soms een nukkige stilte. De laatste tijd verliep de communicatie vaker vanuit haar raam, of vanaf de voordeur. Rotcorona.
En toen moest ze toch verhuizen. Het pand moest gerenoveerd. Weliswaar onder protest, maar ze ging. Tijdelijk naar familie in Almere, tot haar nieuwe woning in een ander deel van de stad klaar zou zijn.
Laatst zag ik haar nog een straat verderop. Schuifelend achter een looprek. Het rode autootje had ze mooi pontificaal op haar vroegere invalidenplek in onze straat gestald. De eerste parkeerwacht die haar zou durven beboeten, moest nog worden geboren, lachte ze haar lach.
Of ze ooit nog zou terugverhuizen, vroeg ik.
No way.
Vorige week trok ze in haar nieuwe huis. En nu staan we hier. Haar buren. Met bloemen en kaarten.
Even verderop blokkeert een vrachtwagen de doorgang. De chauffeur bezweert elke bezorgd informerende buur op tijd klaar te zijn met uitladen.
Daar komt ze. Niet in het vertrouwde rode Suzuki’tje. Maar in een statige lange grijze Mercedes. Op de motorkap driehoekige zwarte vlaggetjes. Ze houdt stil voor haar portiek. Wij leggen de bloemen om haar heen. En zwaaien.
Dag buurvrouw!

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 8 in de reeks Het jaar in lockdown. Dit is tegelijk de zesde en allerlaatste column over mijn 80-jarige buurvrouw. De andere vind je hier, hier, hier, hier en hier.

Het jaar in lockdown VII: Lockdownbingen

Het jaar in lockdown VII: Lockdownbingen

Vriendin 1: ‘Hoever ben jij?’
Vriendin 2: ‘Ik heb er nu één gezien.’
1: ‘Eentje nog maar? Knap.’
2: ‘Ik wil er zo lang mogelijk mee doen.’
1: ‘Probeerde ik ook. Maar ik ben er nu toch alweer bijna doorheen.’
2 [houdt haar handen tegen haar oren]: ‘Niks verklappen!’
1: ‘Hoezo? Je weet al hoe het afloopt.’
2: ‘Maar toch.’
1: ‘Oké.’
[maakt een gebaar alsof ze haar lippen dichtritst]
1: ‘Maar, hoe vind je het?’
2 [zwijmelt]: ‘O, Diana… Ik leef zo mee.’
1: ‘Die kleren!’
2 [nog altijd zwijmelend]: ‘Waanzinnig, hè?’
1: ‘My God, een en al strikjes en rushes. En dan die roze alpacatrui: het toonbeeld van jarentachtigwansmaak.’
2: ‘Vind je? Ik heb net die andere met dat zwarte schaap besteld. Is weer in productie.’
1: ‘Daar zit iemand nu heel flink mee te cashen. Niet ook die koalatrui, hoop ik?’
2 [gepikeerd]: ‘Toevallig hebben wel alle modeontwerpers zich voor dit winterseizoen door Diana laten inspireren: tweed, oversized, brede schouders, gigakragen, strikjes, grandma knits…’
1: ‘Niet alleen modeontwerpers. Zou Kamala nou geïnspireerd zijn geweest door de pussybow* van Diana of die van Thatcher? Wat een wijf, trouwens.’
2: ‘Michelle Obama hield ook wel van een pussybow.’
1: ‘Of hint Kamala toch naar de pussyhats van de vrouwenmarsen? Of misschien wel naar de “grab ‘m by the pussy”-bow van Melania? Anyway, communiceren via je kleding, dat heeft Diana uitgevonden.’
2: ‘Absoluut.’
1: ‘Die wraakjurk van haar als De Kroon net officieel bekend heeft gemaakt dat ze gaan scheiden.’
2 [schrikt]: ‘Wat?!’
1 [hand voor de mond]: ‘Oeps…’

Sinds 15 november 2020 staat seizoen 4 van de ultieme lockdownbingeserie The Crown op Netflix.
*Pussybow: strikblouse

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 7 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown VI: Niet terug

Het jaar in lockdown VI: Niet terug

Vrouw 1 staat samen met haar vriendin in de lange rij voor een koffietent: ‘En? Nu nog steeds heimwee?’
Vrouw 2: ‘Wanneer had ik heimwee dan?’
1: ‘Wanneer had jij heimwee? Serieus?’
2: ‘Ik kan me niet herinneren ooit heimwee te hebben gehad. Vroeger wilde ik juist niks anders dan het huis ontvluchten. Het was eerder andersom. Heimwee naar niet thuis zijn.’
1: ‘Van de zomer wilde je anders maar al te graag nog wat langer binnenblijven.’
2 [begrijpt de hint]: ‘O, dat!’
1: ‘Dus nu is mijn vraag: blij?’
2: ‘Laat ik het zo zeggen: “lockdownheimwee” is toch niet op mijn persoonlijke shortlist voor Het Woord van het Jaar terechtgekomen.’
1: ‘Dacht ik al.’
2: ‘Het had gewoon bij één keer moeten blijven. Dan had ik altijd een romantisch gevoel overgehouden aan die unieke tijd.’
1: ‘Uniek: ja. Romantisch: Nou nee.’
2: ‘In elk geval een goeie reminder dat je ook nooit twee keer naar hetzelfde vakantieadres moet gaan. Hoe geweldig de eerste keer ook was, de tweede keer wordt geheid een tegenvaller.’
1: ‘Of je lievelingsfilm nog een keer bekijken. Ineens vallen alle foutjes op: weg mooie herinnering.’
2: ‘Terug naar je ex. Nog zo’n absolute no-go.’
[Vrouw 1 zwijgt]
2: ‘Toch?’
[Vrouw 1 blijft gegeneerd zwijgen. Vrouw 2 kijkt haar indringend aan]
2: ‘Nee, hè?’
1 [zet haar mondkapje op]: ‘Cortado of batch brew?’
2: ‘Zeg dat het niet waar is.’
1 [gestoken]: ‘Jij hebt makkelijk praten met je ideale gezinnetje en je valse romantiek. Jij weet niet hoe eenzaam het is, zo’n lockdown.’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 6 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown V: Te Huur

Het jaar in lockdown V: Te Huur

[Man en vrouw lopen ’s morgens vroeg door een verlaten winkelstraat in de binnenstad]
Vrouw: ‘Behoorlijk treurig, dit. Toch?’
Man: ‘Eén en al bordjes “Te Huur”. Wat blijft er zo nog van de stad over?’
[Ze lopen zwijgend door. Dan wijst de vrouw geschrokken]
Vrouw: ‘Nee! Die drogist die hier al meer dan honderd jaar zat: ook dicht.’
Man: ‘Dan heb je alles meegemaakt, inclusief twee wereldoorlogen. Ben je tot hofleverancier gekroond. En dan word je onttroond door een virus met een kroontje.’
Vrouw: ‘Corona maakt meer kapot dan je lief is.’
Man [blijft stilstaan bij een etalage en kijkt naar binnen]: ‘En wat zegt het over deze tijd dat juist dit soort winkels nu goeie zaken doet?’
Vrouw [gluurt ook naar binnen]: ‘Dat iedereen binnen moet blijven en het met elkaar moet zien uit te zingen? Nog minstens een saaie donkere winter lang?’
Man [grinnikt]: ‘Ook al zijn ze al jaren op de ander uitgekeken… En intussen ook op alle streamingsdiensten.’
Vrouw: ‘De seksshop is De Nieuwe Nutellawinkel.’
Man: ‘Eerder De Nieuwe Netflix!’
Vrouw [uitdagend]: ‘Jij nog iets nodig?’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 5 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown IV: Coronaspeak

Het jaar in lockdown IV: Coronaspeak

Vrouw 1: ‘Collins Dictionary heeft net “lockdown” uitgeroepen tot woord van het jaar 2020. Wat is het jouwe?’
Vrouw 2: ‘Héél 2020 in één woord?’
1: ‘Ja. Wat definieerde jouw jaar?’
2: ‘Coronamoeheid.’
1: ‘Nee, da’s meer een gevolg.’
2: ‘Maar niet minder waar.’
1: ‘Ter inspi: andere woorden op de shortlist waren social distancing en zelfisolatie.’
2 [zucht]: ‘Eén woord is niet genoeg om 2020 te beschrijven. Ik kies voor het totale coronapakket.’
1: ‘Nee, nou niet gaan coronacheaten.’
2: ‘Oké. Wat dacht je van coronakilo’s? Of thuiswerken? Ik heb m’n collega’s al in geen maanden meer live gezien en m’n weegschaal te vaak.’
1: ‘Maar wat is nou echt nieuw, nog nooit vertoond?’
2: ‘Anderhalvemetersamenleving, besmettingsgetal, blokjesverjaardag, coronahamsteren, coronaontkenner, coronaspuger, covidiot, hamsterschaamte, kuchscherm, onderliggend lijden, patiënt nul, quarantainebubbel, raambezoek, reproductiegetal, superspreader, thuisdode, traceerapp, voucherdwang, zoönose… Dat minuscule virusdeeltje heeft een heel nieuw woordenboek opgehoest. In drie delen.’
1: ‘Ik mis nog “mascne”, gezichtsmasker-acne. Heeft m’n dochter.’
2: ‘En dan heb je ook nog die hele Trumpocalyps daar in Amerika. Ook goed voor een paar lingootjes, mind you.’
1: ‘Breek me de bek niet open. Maar laten we even in Nederland blijven.’
2: ‘We zullen wel moeten…’
1 [lacht]: ‘Precies. Dus?’
2: ‘Maar ik ben echt serieus zoooo coronamoe. Dat is mijn jaar in één woord.’
1: ‘Oké. Ik hou het op “Irma-effect”.’
2: ‘Wie?’
1: ‘Als de regering het goed had aangepakt, was er nu een run geweest op de zorgopleidingen. Iedereen een zorgheld. Maar nee. In plaats daarvan kiezen steeds minder mensen voor dat beroep.’
2: ‘Logisch. Met een applausje betaal je de huur niet.’
1: ‘Maar dankzij de vrouw achter Rutte wil half Nederland ineens wél gebarentolk worden.’
2: ‘Alsof dát cashen is.’
1: ‘Exact. Het Irma-effect.’
2: ‘Hm, dus als Rutte nou echt hart voor de zorg had gehad, zou hij een zorgheld zijn gaan daten? Een coronaliefje hebben genomen! Zorgverkering! Een lockdownlove!’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 4 in de reeks Het jaar in lockdown.

Het jaar in lockdown III: Peuk

Het jaar in lockdown III: Peuk

Dochter [staat voor het raam]: ‘Mam, daar zit-ie weer!’
Moeder: ‘Wie?’
D: ‘Die man.’
M [schrikt]: ‘De potloodventer? Bel de politie!’
D [lacht]: ‘Nee, die man die de eerste lockdown altijd op het bankje zat te roken.’
M [loopt opgelucht richting raam]: ‘Die nette zwerver met z’n getailleerde jas en Peaky Blinders-pet?’
D: ‘Ja die.’
M: ‘Over wie we altijd fantaseerden hoe het nu precies met hem zat?’
D: ‘Kijk dan.’
M: ‘Ja, hoor. Zelfde jas, zelfde pet.’
D: ‘Waar zou hij de hele zomer hebben gezeten?’
M: ‘Misschien wel op een bankje aan de Rivièra. Weet jij veel. Waarschijnlijk is het helemaal geen zwerver, maar een keurige thuiswerker die niet thuis mag roken.’
D: ‘Kijken of hij z’n peuk weer netjes op de rand dooft en hem daarna in de vuilnisbak stopt.’
M: ‘Yess! Toch mooi.’
D: ‘Pardon, peuken mooi?’
M: ‘Nee, dat we in deze onzekere tijden tenminste van één ding kunnen uitgaan. Die keurige man met z’n mooie pet.’
D: ‘En jas.’
[schrikt]
D: ‘Hè? Wat doet-ie nou?’
M [schrikt ook en pakt haar smartphone]: ‘Ik bel de politie!’

Tekst & beeld: © Marjan Ippel, 2020

Dit is deel 3 in de reeks Het jaar in lockdown.